Berichten

Wie kietelt de goudvis?

Wie kietelt de goudvis?

De kans dat je deze blog helemaal uitleest, is bijzonder klein. Want er zijn zoveel blogs en tweets die je kunt lezen, zoveel mailtjes en telefoontjes die je nog moet beantwoorden, zoveel appjes die om jouw aandacht bliepen.

Aandachtsspanne

Je aandacht erbij houden is soms best moeilijk. Dat is niet alleen een gevoel, maar ook gestaafd door onderzoek: ons concentratievermogen wordt alsmaar minder. Dat komt door alle moderne afleidingen, van smartphones tot tablets, van e-mail tot blogs en sociale media. En door de overvloed aan impulsen, informatie en nieuws dat gereduceerd is tot 140 tekens.
In 2000 bedroeg de aandachtsspanne van de gemiddelde mens twaalf seconden, nu is dat zo’n acht seconden. Een goudvis is minder snel verveeld, die houdt het negen seconden vol!
Voor een webpagina of een filmpje betekent dit bijvoorbeeld dat je maximaal acht seconden hebt om de aandacht op te eisen. Tijdens die eerste seconden moet je zoveel impact opwekken om de volgende seconden aandacht te verdienen. Ongeveer een kwart van alle webpagina’s wordt minder dan vier seconden bekeken. En maar 5% weet de aandacht meerdere minuten vast te houden.

Aandacht trekken

Hoe trek je nu de aandacht, ook van die goudvis? Eén van de beste manieren is beweging. Dat heeft met het perifere blikveld te maken. Met je centrale blikveld zie je scherp en duidelijk, maar slechts een klein deel van je omgeving. Blikveld in het verkeerAls je ergens naar kijkt, kun je vanuit je ooghoeken toch zien wat er opzij gebeurt. Dat neem je vaag en onscherp waar met je zijwaartse, perifere blikveld. Bewegingen merk je daarmee juist wel goed op: daar is het evolutionair ook voor bedoeld, vanwege dat naderende roofdier. Zo gauw opzij iets beweegt, geeft het perifere blikveld een signaal naar het onderbewuste; dat geeft op zijn beurt een signaal naar het centrale zien. Razendsnel keer je je ogen in de richting van het onbekende en ga je het bewust observeren.

Ogen kietelen

Bewegend beeld trekt dus de aandacht. Het zorgt voor prikkeling van de ogen, ‘Augenkitzel’ volgens de Duitse wetenschapper Bernward Wember. Die toonde in de jaren zeventig aan dat, zodra de ogen niet meer worden geprikkeld, onze aandacht verslapt en we als kijker geleidelijk aan afhaken. In die tijd was tv – door de bril van nu – behoorlijk saai te noemen: lange shots met veel talking heads en weinig actie. Sindsdien lijkt beweging op tv alleen maar toegenomen, door veel beeldwisselingen met korte beeldfragmenten, camerabewegingen en allerlei andere effecten.

Met de komst van media als YouTube is de blootstelling aan filmmateriaal alleen maar groter geworden. De flinke Augenkitzel daarin is ook een belangrijke oorzaak van de afname van ons concentratievermogen. Je zou het kijken naar een beeld kunnen beschouwen als een taak: bij het vervullen hiervan maakt ons beloningscentrum het ‘geluksstofje’ dopamine aan. Bij veel beeldwisselingen en bewegingseffecten is dus sprake van veel taken en wordt het brein voortdurend beloond; dit werkt verslavend. Een langere taak met een klein beetje dopamine geeft dan niet genoeg beloning meer. Zo worden korte taken in ons brein ingeprogrammeerd.

Sociale media

Je kunnen concentreren op lange, moeilijke taken is nu juist een eigenschap die steeds waardevoller wordt naarmate de wereld om ons heen ingewikkelder wordt. Ook sociale media breken deze vaardigheid af, omdat ze zijn ontworpen om verslavend te zijn. Hoe vaker je sociale media gebruikt op de manier waarop ze zijn bedoeld – constant en gedurende de hele dag – hoe meer je brein zal smachten naar een nieuw shot als je je ook maar heel even verveelt. Een soort Pavlov-reactie op het minste teken van verveling. Het zoeken naar en het vinden van nieuwe informatie leiden ook tot afgifte van dopamine. Het wordt dan steeds lastiger om onafgebroken aandacht te geven aan een moeilijke taak; je brein tolereert zo’n lange periode zonder afleiding gewoon niet meer.

Geconcentreerd blijven

Hoe zorg je nu dat je het koppie er toch bij houdt? Hier zijn enkele tips:

  1. Teken doodles
    Als je je verveelt tijdens gesprekken of vergaderingen, ga dan een beetje tekenen. Als je nutteloze tekeningetjes maakt, ben je 30 procent meer geconcentreerd. Het is een simpele activiteit die andere afleidende gedachtes blokkeert en zorgt dat je beter luistert.
  2. Lees sneller
    Het is een misverstand dat je door langzaam te lezen, de tekst beter opneemt. Als je langzaam leest, raak je sneller afgeleid. Als je juist sneller leest, heb je minder tijd om over andere dingen te denken. Maar let op: als je veel te snel leest, mis je informatie.
  3. Vergeet multi-tasken
    Als je meerdere dingen tegelijk probeert te doen, wil dat niet zeggen dat je hersenen actiever zijn. Je hersenen zijn dan verdeeld over de taken die je uitvoert. Hierdoor heb je minder hersenactiviteit over voor elke taak, waardoor je sneller afgeleid bent en meer fouten maakt. Het helpt dus om je telefoon gewoon uit te zetten.
  4. Lees met een pen
    Dit is een effectieve techniek om zowel geconcentreerder als sneller te lezen. Als je tijdens het lezen onder de regels een pen meebeweegt, ben je gefocust op dat gedeelte van de tekst en ben je minder snel afgeleid. Dat is in het begin misschien irritant, maar na een uurtje kan het je leestempo zelfs verdubbelen.
  5. Ruim je werkplek op
    Alles wat op je bureau ligt, nemen je hersenen bewust en onbewust waar. Hoe meer er ligt, hoe meer er gescand wordt en hoe eerder je afgeleid raakt. Met een leeg bureau kun je 12 procent meer geconcentreerd zijn. Uitzonderlijk creatieve mensen zijn trouwens wel gebaat bij een rommelig bureau en werken dan beter.
  6. Lees in blokken
    Als je langer dan 60 minuten onafgebroken leest, daalt je tekstbegrip met maar liefst 37 procent. Daarom kun je na een uur lezen beter een korte pauze houden van 10 minuten.
Welkome verandering?

Dat het concentratievermogen van de mens op de helling gaat, is moeilijk goed nieuws te noemen. Wetenschappers waarschuwen dat het vele internetten en smartphone-gebruik wel degelijk structurele invloed heeft op ons brein. En dat het brein definitief verandert door het continu op zoek zijn naar nieuwe informatie. Door korte teksten te lezen die zijn doorspekt met hyperlinks die de lezer direct in een nieuwe tekst doen belanden. Maar er zijn ook wetenschappers die geruststellend zeggen dat we in dit informatietijdperk beter kunnen multi-tasken met informatie. En dat we – als het er op aan komt – ons echt wel op een moeilijke taak kunnen concentreren.8 seconden

Willen we het weer gaan winnen van de goudvis, dan moeten we die flink gaan kietelen. Bijvoorbeeld met YouTube in de vissenkom. En gaat onze aandachtsspanne nog verder omlaag? Dan verliezen we het uiteindelijk ook van de vlieg!

,

Je kunt er geen genoeg van krijgen

Sommigen zweren bij chocolade, vooral pure. Anderen steken een potlood tussen hun tanden om een glimlach te faken. Zelf houd ik het op regelmatig een stuk hardlopen. Wat hebben wij gemeen? Met ons gewicht bezig? Of praten we soms met de mond vol?
Nee, wij produceren endorfine. Dat is een stofje dat pijn onderdrukt en een gelukzalig gevoel geeft. Hetzelfde als morfine of heroïne, maar dan lichaamseigen en dus volkomen legaal. Dat bespaart ons een ritje naar de plaatselijke dealer of een verblijf in de cel. Heerlijk spul, maar je kunt er wel verslaafd aan raken…

Fop je brein

glimlach - potlood in mondDat van dat potlood schijnt echt onderzocht te zijn. Facial feedback heet het: de (glim)lachspieren geven aan de hersenen door dat we aan het lachen zijn. Ook als het nep is, reageren de hersenen door endorfine aan te maken. Dus met een glimlach een taak uitvoeren, daar ga je je vanzelf ook happy bij voelen. Heb je botox laten inspuiten, dan wordt dat wat lastiger; de lachspieren werken daardoor namelijk wat minder goed.
De endorfine giert natuurlijk helemaal door je keel als je in the flow zit. Alles wat je doet, lukt als vanzelf en schiet lekker op. Dat geeft een lekker gevoel, ook door de big smile die je daardoor krijgt. Zoiets wil je natuurlijk elke dag …!

Euforie

Deze inzichten zijn goed te gebruiken in marketing en communicatie. Hieronder staan drie voorbeelden.
Mensen die in een endorfine-roes verkeren, kun je makkelijker aan jouw merk binden of verleiden tot bepaalde (koop)beslissingen. Hierop kun je jouw marketinginspanningen afstemmen. Dat gebeurt bijvoorbeeld in skigebieden, waar men door de inspanning van het skiën in euforische staat verkeert. Of bij sportevenementen waar deelnemers na afloop bepaalde drankjes of folders krijgen uitgereikt. De mogelijkheden zijn legio, ook in de sportschool, de gymzaal of het zwembad…
Zorg verder dat de (communicatie)processen bijzonder soepel en aangenaam verlopen. Zodat mensen als het ware met een glimlach de website bekijken, een telefoontje plegen of op een afspraak komen. In die gelukzalige toestand staat men meer open voor jouw verhaal. En met een schaaltje chocolaatjes erbij kan het al helemaal niet meer stuk.

Close up of microphone in concert hall, with audience in background

Tot slot kun je de gezichtsfeedback toepassen in de presentaties die je gaat houden. Vraag de toeschouwers om een pen, potlood of iets dergelijks tussen hun tanden te plaatsen gedurende jouw verhaal, zonder uit te leggen waarom (of met een smoes). De voordelen zijn evident: je kijkt een zaal in met allemaal glimlachende mensen, die jou niet onderbreken met lastige vragen en veel positieve feedback zullen geven. En daar kun je natuurlijk ook niet genoeg van krijgen!